2. Daar zul je ‘m hebben


553fa803bd460e628bbc0507-largeHi, Sheriff.

– Gonna take a bath this week?

Morning!

You’re visiting someone here?

No.

With the flag on your jacket

And the way you look

You’re heading for trouble here, buddy.

Are you going north or south?

– North.

Jump in, I’ll show you the way.

Where are you heading?

– Portland.

(Uit: Rambo, First Blood (1982))

Twee richtingen

Van Hollywood kun je het nodige leren als het om boeken en verhalen gaat. Een verhaal moet in beweging worden gezet, zo denken scenaristen, en wat is gemakkelijker dan een verhaal op gang te brengen door de hoofdpersoon ergens te laten aankomen of te laten vertrekken. Je kunt met een blik op de filmgeschiedenis tientallen voorbeelden geven. Dat ga ik niet doen. Ik zal je in dit stuk laten zien dat het in de jeugdliteratuur ook een bekend gegeven is. Eerst zal ik een aantal voorbeelden geven van komen en gaan, om daarna wat dieper in te gaan op wat dit betekent voor het verhaal en wat je als leraar hierover kunt bespreken met je leerlingen. Om dat komen en gaan in de jeugdliteratuur te illustreren zal ik wat willekeurige voorbeelden geven van boeken die zijn onderscheiden met de Gouden Griffel. Deze boeken geven je een aardig beeld van de kwaliteit en de breedte van de jeugdliteratuur. Als je de boeken leest, dan kom je de grote namen uit de Nederlandstalige jeugdliteratuur tegen. Het loont de moeite om tenminste al deze boeken, mits verkrijgbaar of vindbaar, te lezen.

Komen & gaan

Jaar Boek Korte beschrijving Richting
1972 Koning van Katoren van Jan Terlouw Stach heeft de ambitie om koning van Katoren te worden. Hij moet in het land een tiental lastige problemen oplossen. Hij wordt door zes minister op pad gestuurd om deze problemen op te lossen. Stach krijgt telkens een treinkaartje enkele reis. Hij keert telkens succesvol terug naar de hoofdstad om uiteindelijk gekroond te worden tot koning. gaan en terug-komen
1974 Kruistocht in Spijkerbroek van Thea Beckman Dolf komt via een teletijdmachine terecht in de Kinderkruistocht van 1212. Met veel kinderen loopt hij vanuit Duitsland richting Zuid-Italië. gaan
1978 De kinderen van het achtste woud van Els Pelgrom Noortje, die aan het eind van de oorlog vlucht uit Arnhem komt terecht op een boerderij terecht, waar meerdere mensen wonen en ondergedoken zitten. komen
1981 Otje van Annie M.G. Schmidt De vader van Otje is kok en licht ontvlambaar. Hij wordt ontslagen en leidt met Otje een zwervend bestaan, mede door het feit dat hij geen ‘papieren’ heeft. Uiteindelijk krijgt hij deze en wordt eigenaar van het hotel waar hij ooit als kok werkte. gaan en terug-komen
1983 De Bavianenkoning van Anton Quintana Morengároe is een kind van ouders uit verschillende culturen met verschillende tradities. Hij wordt verbannen uit de stam van de Kikoejoe en wordt ’koning’ van een bavianentroep nadat hij hun leider heeft gedood. Daar voelt hij zich uiteindelijk niet thuis en Morengároe naar de bewoonde wereld. gaan en terug-komen
1986 Deesje van Joke van Leeuwen Deesje komt aan op het treinstation van de stad waar haar tante woont. Ze loopt in de drukte haar tante mis en dat is het begin van een reeks avonturen. komen
2006 Big van Mireille Geus Het evenwicht in een dorpje wordt verstoord, met dramatische gevolgen, door de komst van Abigaïl (Big). komen
2017 Naar het noorden van Koos Meinderts Drie kinderen uit een gezin worden tijdens de Tweede Wereldoorlog naar het noorden verscheept en daar bij gezinnen ondergebracht. gaan
2019 Zeb van Gideon Samson Hoewel het een complex en veelzijdig boek is, begint het allemaal met de komst van Ariana. De zebra, door de juf Zeb genoemd, komt de klas versterken. De verhalen kunnen beginnen. komen

De lijst is eindeloos. Of je nu Jules Verne neemt (Phileas Fogg, Michael Strogoff) of Hector Malot (Remi), John Green (Quentin op zoek naar Margo in Paper Towns) of Jason Reynolds (Will in de lift van 67 seconds), enorm veel schrijvers zetten, net als Stallone deed in First Blood (hij speelde niet alleen de hoofdrol, maar schreef ook het script) een verhaal in beweging door de hoofdpersoon te laten vertrekken of te laten aankomen.

666766778

Dit gegeven valt terug te leiden naar een oerverhaal uit onze westerse cultuur, namelijk de Odyssee van Homerus. Als Troje is gevallen, keert Odysseus terug naar Ithaka. Een enerverende reis begint en een wereld vol verhalen wordt geopend. Dit bleek zo inspirerend dat na Odysseus eindeloos veel personages op reis gaan of ergens aankomen.

De meeste verhalen van komen en gaan hebben twee kenmerken. Het eerste kenmerk is dat een evenwicht wordt verstoord. Lees met je leerlingen de eerste hoofdstukken van Big van Mireille Geus maar en je kunt precies dat gegeven laten zien. De wereld van hoofdpersoon Lizzy wordt ernstig door elkaar geschud als de zelfstandige, brutale en ook gevaarlijke Big op het toneel verschijnt. Of neem Naar het noorden van Koos Meinderts. De tocht naar en het verblijf in het noorden van Nederland van Jaap, Nel en Kleine Kees heeft een blijvende invloed op wie ze zijn. Daarmee hebben we een tweede kenmerk te pakken. De verstoring van het evenwicht heeft, heel simpel geformuleerd, invloed op hoe de hoofdpersoon zich voelt. Volg Jaap maar als hij in Friesland bij de familie woont die hem opvangt. En wat te denken van hoe de drie kinderen zich voelen als ze uiteindelijk weer thuis zijn. Ze zijn veranderd, want ze zijn in een andere wereld geweest (in die wereld wordt een andere taal gesproken (Fries?), er wordt een ander geloof beleden, etc.). Meinderts heeft die verschuiving in gevoel en waarneming prachtig beschreven.

Verhalen van komen en gaan doen iets met de hoofdpersoon. Daar kun je, als je samen met de leerlingen in je klas een tekst of boek leest, mooi over praten. Maar je kunt leerlingen dit gegeven ook meegeven als ze zelf een boek gaan kiezen. Als je een lijst maakt van de boeken in je klas en je weet bij welke boeken sprake is van komen en gaan, dan kun je die boeken presenteren en de verandering van de hoofdpersoon laten zien. En die verandering is voor de leerlingen in je klas zeer goed herkenbaar. Als je bent verhuisd, of iemand heeft het gezin verlaten door bijvoorbeeld een scheiding, dan weet je als lezer dat een verstoring van een evenwicht invloed heeft op wie je bent en hoe jij je voelt.

Gedragspatroongrafiek

Een heel eenvoudige manier om leerlingen inzicht te geven in de ontwikkeling van de gevoelens van de hoofdpersoon of hoofdpersonen is het maken van een gedragspatroongrafiek. In een volgend blogbericht stel ik je voor aan aartsvader van deze grafiek, de Amerikaanse schrijver Kurt Vonnegut. Op deze plek zal ik uitleggen hoe je met leerlingen een gedragspatroongrafiek kunt maken. Ik doe dit aan de hand van een hoofdstuk uit Koning van Katoren van Jan Terlouw. Kijk maar eens naar deze door leerlingen van groep 6 gemaakte grafiek over het hoofdstuk waarin Stach het probleem van de schuivende kerken in de stad Uikemene weet op te lossen.

grafiek

Op de verticale as staan de mogelijke gemoedstoestanden van de hoofdpersonen. De schaal loopt van teneergeslagen, via neutraal naar enthousiast. En enthousiast is Stach als hij in Uikemene arriveert. De leerlingen van groep 6 hebben erbij geschreven dat hij een aardige ontmoeting heeft als hij in het stadje aankomt. Dat brengt me bij de horizontale lijn. Die is moeilijk zichtbaar, excuses daarvoor, maar geeft de tijd weer. De lijnen van Stach en de burgemeester lopen van het begin van het hoofdstuk naar het einde. Als je het boek kent, dan weet je dat het afscheid uit Uikemene hartelijk is, maar minder euforisch dan op het moment dat de oplossing van Stach blijkt te werken. Dat is in de grafiek mooi te zijn.

Tijdens het verhaal veranderen de gemoedstoestanden van Stach en de burgemeester. Stach weet met vallen en opstaan de opdracht tot een goed einde te brengen – dat is een oeroud literair kenmerk – en dat hebben de leerlingen zoals je kunt zien, prachtig weergegeven. Bij menige ontwikkeling in het verhaal verandert ook de gemoedstoestand van Stach. De leerlingen hebben kleine tekeningetjes gemaakt en er woorden uit de tekst bij geschreven. Zo krijgen ze zelf inzicht in het feit dat gevoelens van personen in een verhaal aan veranderingen onderhevig zijn. Een hoofdpersoon van een goed kinderboek is niet van bordkarton, maar net als hen iemand die gevoeligheden kent en emoties heeft.

Als je leerlingen van een verhaal een gedragspatroongrafiek hebben gemaakt is het interessant om deze met elkaar te laten vergeleken en bespreken. Je kunt als lezer een reactie van een persoon in het verhaal of een gebeurtenis anders interpreteren. De gesprekken over de interpretatie van deze gevoelens en de invloed van de gebeurtenissen wordt door leerlingen regelmatig op zichzelf betrokken. Die gesprekken, waarbij leerlingen elkaar beter leren kennen, zijn uitermate waardevol.

Ter afronding

Schrijvers zetten een verhaal in beweging. Of het nu een mol is die op reis gaat of een Groenlandse jongen die wordt meegenomen aan boord van een Nederlandse walvisvaarder (IJsbarbaar, Rob Ruggenberg), schrijvers nemen je graag mee. Tijdens die reis, van en naar huis, maken de hoofdpersonen allerlei dingen mee die van invloed zijn op hoe zij zich voelen. Hun gevoelens zijn aan verandering onderhevig, net als van de leerlingen in je klas. Als je die verandering in beeld weet te brengen, begrijpen je leerlingen beter hoe een hoofdpersoon zich voelt en kunnen ze, met jou, nadenken over wat dit met hen doet.

Wonderlijk is overigens wel, en ik praat nu grote literatuurkenners als Harold Bloom na, dat Odysseus al zijn avonturen haast onverschillig onderging. Als je een emotiegrafiek van zijn avontuurlijke reis zou maken, zou je eerder een kabbelende zee krijgen dan een grafiek met hoge pieken en dalen. Overigens, zou Penelope bij de thuiskomst van haar man Odysseus gedacht hebben: ‘Daar zul je ‘m hebben?’

Christopher Booker zou het overigens niet eens zijn geweest met mijn interpretatie van de Odyssee. Ik heb het hier gebruikt als oer-voorbeeld van een reis. Voor hem is de tocht van Odysseus een voorbeeld van een queeste. Over Booker komen we later te spreken. Hij heeft studie gemaakt van oude verhalen en kenmerken. Ik ben en blijf een lezer. In het hoofdstuk waarin Bookers boek ter sprake komt, ontmoeten we ook een aantal angstaanjagende monsters. Booker is er daar overigens niet een van. Hij heeft een alleraardigst boek geschreven over een zevental basisplots in de wereldliteratuur. Het boek is vuistdik, maar zeker de eerste helft is fijne materie om te bestuderen.

Puntsgewijs:

  • Schrijvers zetten een verhaal in beweging door de hoofdpersoon ergens te laten aankomen of ergens te vertrekken;
  • Hierdoor wordt vaak een evenwicht verstoord, dat invloed heef op hoe de actoren in het verhaal zich voelen;
  • De reis kan een blijvende verandering teweegbrengen bij de hoofdpersonen;
  • Je kunt de verandering in beeld brengen door een gedragspatroongrafiek te maken van het verhaal;
  • Als de leerlingen de verandering betrekken op hun eigen leven, krijgen ze zicht op de invloed van situaties en ontwikkelingen op hoe zij zich voelen én hoe zij daar mee omgaan;
  • Hoofdpersonen op reis leren ons, met andere woorden, veel over onszelf.

 

 

 

Eén gedachte over “2. Daar zul je ‘m hebben”

Reacties zijn gesloten.