Toetsmanie en de januskop

Enige tijd geleden liep ik door een school. Ik zou een gesprek hebben met de schoolleider, maar die was nog aan de telefoon met een bezorgde ouder. Ik besloot, met een kop koffie in de hand, de school door te wandelen. Dat is altijd leuk om te doen. Je ziet dan vaak dingen die je op een idee brengen of die je verrassen. In deze school, modern en licht, voorzien van veel trappen, nisjes en lokalen en lokaaltjes, trof ik twee jongens aan, die in een kleine ruimte aan een lange tafel zaten. De tafel stond voor een raam dat een weids uitzocht bood over de landelijke omgeving waarin de school staat. Daar hadden de jongens geen oog voor. Ze wipten op hun stoelen, trokken ongeïnteresseerd aan hun t-shirts en ginnegapten wat met elkaar. Toen ze mij zagen trokken ze een vrolijk gezicht en groetten mij. Ik groette terug, opende de deur en stapte het kleine lokaal binnen. Ik vroeg wat ze aan het doen waren en een van de twee jongens vertelde me dat hij zijn leerlingvolgsysteemtoets opnieuw maakte. Ik keek langs hem heen en zag inderdaad een boekje voor begrijpend lezen liggen. Van Cito. De 3.0-versie. De andere jongen vulde aan: “Ja meneer, hij heeft allemaal E’tjes gehaald en nu mag hij het overdoen.” Ik verstopte mijn verbazing achter een begrijpende knik en vroeg wat hij er bij deed. “Nou, hij leest moeilijk en daarom lees ik het voor.”

Wij hebben op school een kwaliteitskaart voor de afname van toetsen. Die kaart is heel helder over wat we van leraren verwachten. De do’s en don’ts van toetsafname zogezegd. Zo creëer je een gelijk speelveld voor alle leerlingen en voorkom je misverstanden. Hoewel je uitgaat van de professionaliteit van de leraar, weet je ook dat er leraren zijn die de toetsen niet afnemen volgens de aanwijzingen die instituten als Cito in de handleiding hebben opgenomen. Sommige leraren lezen de handleiding niet eens door, maar denken op basis van hun routine de toetsen te kunnen afnemen. Dat geldt niet voor mijn huidige collega’s, maar ik heb het nodige meegemaakt waarover ik later meer zal vertellen.

In kwaliteitskaarten leggen wij veelvoorkomende en complexe situaties vast om deze te stroomlijnen. De kwaliteitskaart toetsing maakt in dit geval duidelijk hoe er bij de afname van een toets dient te worden gehandeld. Er wordt tegen ons weleens gezegd dat die kwaliteitskaarten van ons de autonomie van de leraar beknot. Zij is de professional en kan naar beste bevinden oordelen. Wij denken daar anders over. Binnen een helder kader, waar onze kwaliteitskaarten een onderdeel van zijn, komt professionaliteit tot bloei én is er ruimte voor autonomie. Bij veel kaarten die we gebruiken is die ruimte groot; bij het afnemen van toetsen is deze beperkt. Die beperking vloeit voor uit het protocol dat bij de toetsen is opgenomen.

Ik zou wensen dat er in heel Nederland op dezelfde manier werd getoetst. Dat is niet het geval. Als ik de lezer zou vragen voorbeelden te geven van het niet correct afnemen van toetsen van het leerlingvolgsysteem (LVS), dan zou de lijst eindeloos lang zijn. Ik geef wat voorbeelden die ik heb meegemaakt:

  • Een leraar die in de weken voor de toetsen keek welke spellingwoorden werden gevraagd en niet de categorieën maar louter deze woorden oefende;
  • Een leraar die dit deed met woordenschat. Die had een lijstje met woorden die hij herhaaldelijk in zinnen gebruikte. Bij de toets bleek de woordenschat van zijn leerlingen plots enorm gegroeid;
  • Een leraar die leerlingen de toets teruggaf ter verbetering;
  • Een leraar die bij spelling woorden goed rekende die fout waren geschreven. Maar omdat het spellingprobleem, bijvoorbeeld de -ische, wel goed was gespeld vond zij het antwoord correct;
  • Een leraar die bij spelling fouten niet ‘opmerkte.’
  • Leraren die in de klassen kaarten van het metriek stelsel of spelling lieten hangen, zodat de leerlingen ze konden gebruiken tijdens de toets;
  • Leraren die leerlingen tafelkaarten lieten gebruiken;
  • Leraren die woorden uitlegden in een tekst over begrijpend lezen of woordenschat;
  • Leraren die de toets voorlazen aan leerlingen voor wie dit niet is toegestaan;
  • Leraren die, als er twee antwoorden waren omcirkeld en het goede antwoord erbij zagen staan, het goed rekenden;
  • Etc.

En dan heb je de leerlingen die glimlachen als ze merken dat ze een toets moeten maken die ze al kennen. Er zijn huiswerkinstituten die deze toetsen in huis hebben en herhaaldelijk oefenen. Zo’n kind gaat zitten en denkt: A,B,A,C,C,D…

De toetsen die scholen afnemen hebben hierdoor minder waarde. Bij de 2.0-versie heb ik meerdere keren meegemaakt dat de normen werden verhoogd. Om het heel simpel te zeggen: leerlingen uit een bepaald cohort moesten meer vragen goed beantwoorden om hetzelfde resultaat te halen als een cohort dat vier jaar eerder in dezelfde groep had gezeten.

Zo’n kwaliteitskaart, die streng en duidelijk is en beschrijft wat leraren moeten doen, ontberen we op landelijk niveau. Dit maakt voor mij dat die LVS-toetsen geen eerlijk beeld geven. En dat zeg ik even los van wat ze toetsen, want daar is ook het nodige op af te dingen. We hebben, als je louter naar de toetsen zelf kijkt, een situatie gecreëerd waarin valsspelen loont. Dat doen huiswerkinstituten, die er goud geld mee verdienen, maar ook wijzelf.

En eerlijk gezegd begrijp ik dat voor een deel ook wel. Je hebt als leraar toch sterk het gevoel dat de prestaties van leerlingen op toetsen als die van het LVS iets zeggen over jouw kwaliteit als leraar. De druk die leraren voelen is enorm. En hoe jij als schoolleiding ook probeert dat gevoel van druk weg te nemen, het houdt je als leraar enorm bezig. Mij ook hoor. Ik ben daarin geen uitzondering. In dit opzicht heb ik een januskop. Enerzijds zeg ik tegen mijn collega’s, vanuit mijn rol in de schoolleiding, dat LVS-toetsen geen ‘afrekenmoment’ vormen voor de leraar. En dat is ook zo. Anderzijds ben ik, als leraar van groep 6, in de periode van de LVS-toetsen erg gespannen omtrent de resultaten. Als ze tegenvallen zegt het toch echt wat over mijn kwaliteiten.

Graham Nuthall beschrijft in zijn boek The Hidden Lives of Learners dat een leraar niet jaar in jaar uit dezelfde (hoge) resultaten behaalt. Die fluctueren. Een aanpak die in de ene groep effectief blijkt, gezien de resultaten, kan in een andere groep minder effectief blijken te zijn. Als je terugkijkt in je eigen historie als leraar, dan weet je ook wel dat dit klopt. Maar weten en accepteren zijn twee verschillende zaken.

Het probleem van het eerlijke speelveld kan ik niet oplossen. Als je het mij vraagt, dan zou ik de toetsen van het LVS laten voor wat ze zijn. Er zijn betere manieren om de ontwikkeling van leerlingen te monitoren. Maar goed, in Amsterdam wordt er bij de overstap van basisschool naar het voortgezet onderwijs gekeken naar de toetsen vanaf groep 6. Als je die niet aanlevert breekt de pleuris uit, om het maar eens op zijn Mokums te zeggen. In bestuurlijke overleggen worden deze afspraken gemaakt. Ik voel er weinig voor om daar tegen te vechten.

Blijft over de druk die leraren voelen bij de afname van deze toetsen. Als je vanaf dag een de ontwikkeling van een leerling ziet als een marathon, waarbij de kans aanwezig is dat niet elk deel van de tocht in hetzelfde tempo wordt afgelegd, maar waarbij je toch ziet dat er voldoende en verwachte groei is, dan neem je een deel van die druk weg. Wij blijven zeggen: onderwijs is een marathon en geen sprint. En het helpt ook als je laat zien hoe een groep zich in de loop der jaren ontwikkelt. De zorgen die jij voelt bij de resultaten van je groep worden zo gedeeld met en door je collega’s. Je kijkt samen naar mogelijkheden en – als ze er zijn – oplossingen. Rommelen met resultaten en uitslagen is niet de oplossing.

Verder helpt het enorm als je leraren kunt laten zien dat ze goed werk leveren in de groep. Door de professionaliteit van de leraar te ontwikkelen, haar in die ontwikkeling te steunen en door haar te laten zien dat de kwaliteit van lesgeven steeds beter wordt, kun je een deel van die spanning wegnemen. Die professionele groei kan zich vertalen in betere resultaten, maar daar is, zie Nuthall, geen garantie voor te geven.

Nog even terug naar het valsspelen. Het erge is nog wel, dat je achter je laptop de fraude op je school kunt ontdekken. Als die er is, natuurlijk. Als een groep plotsklaps omhoogschiet, terwijl de resultaten in de voorgaande jaren nogal mager waren, dan heb je of de beste leraar ten westen de Chinese muur gevonden of iemand die je onze kwaliteitskaart moet aanbieden.

Ik begon met een waargebeurd verhaal en zal met een waargebeurd verhaal afsluiten. Ik werd beschuldigd van fraude met de eindtoets. Niet door mijn collega’s of schoolleiding, maar door een ouder. De uitslag van de toets onderbouwde mijn advies: vmbo-b. De ouder had gerekend op havo. Woest stapte hij naar de directeur en zei tegen hem dat ik goede antwoorden van zijn dochter had uitgegumd en vervangen door foute.

Die man begreep het niet. Het was natuurlijk precies andersom…

 

 

Advertenties

One thought on “Toetsmanie en de januskop”

  1. Het fenomeen – high-stakes testing corrumpeert de leraar én de waarde van de toets – is dik tien jaar geleden al uitgebreid beschreven, nadat in de VS de nationale toetsgekte had toegeslagen. Zie bijvoorbeeld Nichols & Berliner (2007), “Collateral Damage. How high-stakes testing corrupts American Schools”. Cambridge: Harvard Press. Je vindt er ook een overzicht van manieren waarop scholen en leraren ‘met de beste bedoelingen’ frauderen met toetsen.

    Nu is ook de Nederlandse leraar niets menselijks vreemd. (Of de Nederlandse schooldirecteur.) We hadden dus kunnen voorspellen dat de perversie die bij onze Amerikaanse collega’s optrad, ook hier te lande de kop zou opsteken. Maar ja, in het Nederlandse onderwijs herhálen wij graag andermans fouten, in plaats van daarvan te leren.

    OCW jaagt de cijfergekte intussen nog eens lekker aan, met z’n relatieve prestatienormen (‘iedereen bovengemiddeld’), z’n “excellentie”-stickers, en z’n bepleite bonus voor leraren die ‘het bovengemiddeld goed doen’. Terwijl we juist in de zwakste klassen de beste leraren nodig hebben.

    Maar ja.

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s