Diep lezen

Er zijn veel voordelen verbonden aan het lezen van boeken in de Engelse taal. Ze zijn door de bank genomen goedkoper dan Nederlandse boeken, het aanbod is sowieso groter en je leest zo’n boek langzamer en naar ik meen ook nog eens aandachtiger dan een boek in het Nederlands.

Er is een haast onbeperkte voorraad boeken in de Engelse taal over onderwijs beschikbaar. Het is echter wel zo, dat je in die boeken vaak leest wat je al eerder hebt gelezen. De ideeën en inzichten zijn na pakweg twintig onderwijsboeken wel zo’n beetje op, denk ik weleens. Hoewel zulke boeken fijn en interessant zijn om te lezen, kom je maar weinig tegen wat je nog niet wist.

Nieuwe kennis en inzichten tref ik meestal aan de randen van mijn vak aan. Boeken die niet direct gaan over onderwijs en lesgeven, maar er wel raakvlakken mee hebben. Die ervaring had ik toen ik het prachtige boek The Seven Basic Plots las en de afgelopen weken opnieuw tijdens het lezen van het werkelijk geweldige en fascinerende boek Reader Come Home van Maryanne Wolf.

y648

Wolf schrijft over lezen in het digitale tijdperk. Zij doet dit vanuit kennis over lezen en het brein. Omdat lezen geen primair proces is, zoals kijken en horen dat wel zijn, kost het moeite om te leren lezen. Het is daarmee ook een vaardigheid die je kunt kwijtraken. Zoals Wolf zegt: if you don’t use it, you lose it. Als je hebt leren lezen dan moet je deze vaardigheid blijvend onderhouden.

We leven in een tijdperk waarin we via de sociale media en andere kanalen dagelijks een hoeveelheid informatie binnen krijgen die gelijk staat aan een forse roman. Omdat we geen tijd hebben – helaas, ik weet het – om dagelijks zo’n roman te lezen, lukt het ons ook niet om al die digitale informatie tot ons te nemen. We lossen dit op door teksten vluchtig te bekijken. Wolf noemt dat F-lezen. Als we aan een digitale tekst beginnen, dan lezen we de eerste regels om daarna steeds minder te gaan lezen. We gaan met onze ogen via de linker kantlijn naar beneden.

Wolf beschrijft een aantal ontwikkelingen die door de invloed van de digitalisering zijn zichtbaar zijn geworden. Ik noem er hier drie. Als je kijkt naar de verwijzingen die studenten opnemen in hun werkstukken, dan komen deze meestal van de eerste en laatste pagina’s van de boeken en artikelen die ze hebben gebruikt. Verder lukt het lezers steeds minder goed om zich voor langere tijd  op een tekst te richten. Een ander fascinerend feit dat Wolf noemt is dat digitale lezers meer moeite hebben om de chronologie van een verhaal te onthouden dan lezers van boeken.

De invloed van de digitalisering op ons lezen is, aldus Wolf, aanzienlijk. En dat geldt met name voor diep lezen. Dat is, simpel gezegd, voor langere tijd verdwalen dan wel verdrinken in een boek. Als je diep leest zijn je hersenen zeer actief, je legt verbanden, relaties, doet gevolgtrekkingen en verplaatst je in de hoofdpersonen. Terwijl je thuis op de bank zit, sta je in gedachten naast Isaak Babel in zo’n kapotgeschoten dorp aan de oevers van de Zbruch, om maar iets te noemen.

Wolf merkte zelf dat de digitalisering haar leeshouding beïnvloedt. Het lukte haar niet om een monumentale roman uit de 19e eeuw, Middlemarch van George Eliot te herlezen.  Ze bleef er na een aantal hoofdstukken in steken. Ze moest er voor oefenen en ervoor gaan zitten, zo vertelt ze. Toen ik dat las, dwaalden mijn gedachten af naar een boek van Doug Lemov, Reading Reconsidered. Daarin laat Lemov zien dat het uitermate belangrijk is om scholieren het lezen van lastige, lange en oude teksten te leren. Teksten die ze lezen zijn vaak eenvoudiger dan teksten van vijftig of honderd jaar geleden. Je moet echt leren ze te lezen.

Wolf laat geen kans voorbij gaan om te benadrukken dat diep lezen een aantal zeer positieve uitkomsten heeft. Je kunt hierbij denken aan kennisopbouw, wisselen van perspectief en het heeft, aldus Wolf, ook invloed op je empathie.

Maar goed, als de invloed van de digitalisering sloopwerk doet bij het aandachtig en diep lezen van teksten, dan is de vraag wat de eventuele remedie is. Daarover schrijft Wolf dat jonge kinderen idealiter veel krijgen voorgelezen en worden weggehouden van de elektronische apparaten. Ze weet dat dit niet gebeurt en dat de rol van onderwijs derhalve cruciaal is. Ze pleit ervoor om vanaf jonge leeftijd de leesontwikkeling te monitoren. Wolf beschrijft een zeer groot onderzoek onder jonge kinderen in New Engeland. Door ze de eerste twee dagen op school te volgen, kon heel goed worden ingeschat in hoeverre ze in hun verdere schoolloopbaan moeite zouden krijgen met lezen. Eigenlijk is dit wat goede leraren in de onderbouw van de basisschool moeten doen: observeren en ingrijpen. Want dat laatste is belangrijk. Je moet het niet op z’n beloop laten, maar interventies plegen die ervoor zorgen dat jonge kinderen vlot leren lezen. Daarmee is dit boek een voorbeeld van een stevig, wetenschappelijk onderbouwd pleidooi om op jonge leeftijd al bezig te gaan met leesvoorwaarden en om in te grijpen.

Hieruit vloeien enkele adviezen voort die voor kenners van het leesonderwijs niet verrassend zullen zijn. Wolf wijst op het belang van goede, gekwalificeerde leraren en pleit voor het investeren in leesonderwijs op latere leeftijd. Als we het boek van Wolf ter harte zouden nemen, dan zou dit onder meer betekenen dat leesonderwijs in het voortgezet onderwijs op het rooster staat.

Het is belangrijk om te begrijpen dat Wolf het digitale lezen en het leesbrein dat hierbij hoort niet afwijst. Zij vindt het belangrijk dat kinderen beide leeswijzen ontwikkelen. Dus naast het lezen vanaf papier, moet er ook aandacht zijn voor digitaal lezen. Om dit voor elkaar te krijgen moeten echter wel een aantal hordes worden genomen. Om het op mezelf te betrekken: hoe leer ik als leraar mijn leerlingen omgaan met die digitale wereld? Moet ik ze leren coderen om de basis achter die digitale wereld te leren doorgronden? Moet ik ze leren om te gaan met meerdere schermen en banners, pop-ups e.d? En als laatste: Hoe vind ik een balans tussen beide ‘werelden’ en hoe zorg ik ervoor dat de kansen om dit allemaal te leren voor iedereen eerlijk zijn?

Wolf is niet pessimistisch, eerder optimistisch. Dat komt met name door hoopgevend onderzoek naar deze tweetaligheid. Maar dat er veel stof is om over na te denken is duidelijk.

Reader come home is een heerlijk boek. Het is voortreffelijk geschreven – in de vorm van acht brieven aan de lezer (vintage 19e eeuw!) – en zet aan tot denken en reflecteren. Kortom: een meesterstuk.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s