Hal(l)o

Enige jaren geleden sprak ik met de chef-onderwijs van de afdeling DMO van de gemeente Amsterdam. DMO staat voor Dienst Maatschappelijke Ondersteuning. Deze dienst was de drijvende kracht achter het KBA-traject. KBA staat voor Kwaliteitsaanpak Basisonderwijs Amsterdam. Er was nogal wat mis met de kwaliteit van het basisonderwijs in Amsterdam en daar moest iets mee gebeuren, zo was het idee.

Over het KBA-traject zal ik het hier maar niet hebben. Dat was een politieke klucht die de nodige slachtoffers heeft geëist. Dat het ook op de werkvloer slachtoffers heeft geëist is wellicht minder bekend, maar ik ken voldoende verhalen over leerkrachten die door het KBA-traject het onderwijs hebben verlaten. En daar waren goede leerkrachten bij. Althans, dat denk ik.

Want daar wil ik het over hebben, over opvattingen die je hebt over collega’s en leerlingen. Voordat ik hierover zal schrijven, even terug naar de vergaderkamer in het gebouw aan de Wibautstraat, waar DMO toen zat. De chef liet me een lange observatielijst zien. Deze reikte van het plafond tot aan de grond en bevatte de gegevens van een uitgebreide observatie van een Amsterdamse leerkracht. Toen ik ernaar keek en me verbaasde over de grote hoeveelheid items op de lijst, zei hij: “Dit is de beste leerkracht van Amsterdam.” Het bleek een leerkracht van 25 jaar die, volgens de man, alles goed deed. Ik keek nog eens naar de lijst, haalde mijn schouders op en dacht: “Heb ik hier een voorbeeld van het halo-effect te pakken?”

Een klein uitstapje. In dezelfde periode van het DMO-bezoek, sprak ik met mijn directeur over de betekenis van wat hij zag tijdens klassenbezoeken. Na een bezoek aan mijn klas, zei hij me in het nagesprek dat de leerlingen in mijn klas veel hadden geleerd. Ik antwoordde botweg dat hij daar geen enkele aanwijzing voor had. Hij meende van wel en doorliep een aantal zaken die hij had geobserveerd tijdens de les. Het waren allen zaken die te maken hadden met mijn handel en wandel tijdens de les. Ik zorgde voor goede voorwaarden en die voorwaarden zouden leiden tot het leren van de leerlingen. Je bent een goede leerkracht, zei hij, dus met wat de leerlingen leren zit het wel snor.

We gaan nog wat een klein stukje verder op dit pad. Stel je nu voor, dat je als leerkracht een goede beoordeling krijgt. In het team word je ten voorbeeld gesteld aan de anderen en leerkrachten komen bij je in de klas om te kijken hoe jij lesgeeft. Een deur verderop zit een leerkracht waar het in de klas rumoerig is, waar leerlingen in en uit lopen; een klas ook waar aan het eind van de dag een schoonmaakploeg doorheen moet om de rommel op te ruimen. Twee keer raden wie ermee weg komt als de resultaten niet zijn wat je hoopt dan wel verwacht. Twee keer raden ook welke leerkracht weinig risico loopt te worden ontmaskerd als zij tijdens het afnemen van de toetsen en het nakijken ervan sjoemelt.

Ik bedoel maar.

En ja, ik denk dat er flink wat leerkrachten zijn die rommelen met toetsen. Dit gaat van een eigen instructie geven voorafgaande aan de toets, toetsbladen teruggeven om opgaven nog een keer te bekijken, tot aan het gummen op het nakijkvel. In dit opzicht wil je niet weten wat ik weet.

Wat ik interessant vind aan het scouten van sporttalent of het aannemen van een collega, is dat we snel trappen in de val om iemand goed te vinden die op onszelf lijkt. De robuuste verdedigende middenvelder, die scout is geworden van een grote voetbalclub in het zuiden van het land, haalt op het veld die talenten eruit die zijn talent weerspiegelen. Of de leerkracht die bij de sollicitatiegesprekken zit en de voorkeur heeft voor een leerkracht met hetzelfde temperament als haarzelf.

Natuurlijk kan die juf die op alle punten op de KBA-lijst goed scoorde een uitmuntende juf zijn. Ik ken haar niet, laat staan dat ik haar ooit in actie heb gezien. Maar ik moest direct denken aan het principe dat Thorndike in de jaren ’20 van de vorige eeuw beschreef: Het halo-effect. Een definitie: Een haloeffect is het verschijnsel waarbij de aanwezigheid van een bepaalde kwaliteit, bij de waarnemer de suggestie geeft dat andere kwaliteiten ook aanwezig zijn.

Zo er is geen enkele reden aan te nemen dat iemand die verkozen is tot Leraar van het Jaar een uitmuntende leerkracht is. De titel is mooi, doch de lading is onbekend en wellicht zelfs onbedekt.

En dan heb je de leerkracht die ’s morgens bij het kopieerapparaat staat te brommen en te sputteren omdat zij moet wachten tot ze de werkbladen kan afdraaien. Je ziet, als je goed oplet, haar collega’s conclusies trekken over hoe ze omgaat met de leerlingen in haar klas.

We hebben allemaal zo onze vooroordelen. En die nemen we mee in het werk dat we verrichten. Of we nu kijken naar een leerling (Die komt uit een asociaal gezin, dat kan nooit iets worden…) of een collega die niet is wat wij verwachten van hoe een leerkracht moet zijn.

Weten dat het halo-effect bestaat, wil niet zeggen dat je het kunt omzeilen. Er bestaat een leuk onderzoek naar de relatie tussen de laatste twee cijfers van iemands telefoonnummer en het aantal landen dat zij denkt dat er in Afrika liggen. Hoe hoger de laatste twee cijfers van het telefoonnummer, hoe hoger de schatting van het aantal landen. Als de onderzoekers deze link uitlegden en daarna de vraag nogmaals stelden, bleef de schatting nog steeds te relateren aan de hoogte van de cijfers. Je hersenen laten zich graag foppen, zullen we maar zeggen.

Neem nu eens dit voorbeeld. Ik zat eens met collega’s bijeen om leerlingen met gedrag- en leerproblematiek te bespreken. Tijdens die bespreking kwamen nogal leerlingen langs met een y in de voornaam. Dit leidde tot de opmerking van een collega: “Eigenlijk is er altijd wel iets aan de hand met een leerling met een y in de naam.” Ik weet dat het onzin is, maar het zaadje was geplant. Als ik een leerlingenlijst ontving van mijn nieuwe klas, dan lette ik er toch op of er leerlingen met een y in de voornaam in zaten. En als ik dit verhaal uiterst serieus vertel aan anderen, dan reageren talloze collega’s bevestigend: “Ja, leerlingen met een y in de naam daar moet je op letten.”  Of: “Dat klopt, maar vergeet ook de q niet.”

Als ik op klassenbezoek ga, dan neem ik geen observatielijst mee. Als ik op klassenbezoek ben geweest, dan vraag ik vaak een collega de klas ook te bezoeken. Waar ik primair let op organisatie en lesinhoud, daar let een ander meer op pedagogische vaardigheden. Op voorhand is niet gezegd dat wanneer het didactisch in orde is, het pedagogische klopt en andersom. De ervaring leert dat deze twee zaken sterk interacteren, maar toch. Over de vraag of leerlingen iets geleerd hebben, ben ik eigenlijk altijd terughoudend. Ook als het om mijn eigen lesgeven gaat.

Volgens Wikipedia telt Afrika 54 onafhankelijke staten. Dat wist ik niet. Of ik het onthoud durf ik niet te zeggen. Mijn telefoonnummer eindigt op 93.

 

 

 

 

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s